SDE+

WILT U INVESTEREN IN DUURZAME ENERGIE? WELLICHT IS DE SDE+ INTERESSANT VOOR U.

Najaarsronde SDE+ 2018: opnieuw 6 miljard euro beschikbaar, basisbedrag minder ver omlaag en grondvergoeding geschrapt

Er komt voor de najaarsronde van de stimuleringsregeling voor hernieuwbare energieproductie (SDE) opnieuw 6 miljard euro beschikbaar. Voor zon-pv vinden enkele belangrijke wijzigingen plaats.

De najaarsronde SDE+ 2018 is open van 2 oktober tot 8 november, in fases van 2 weken. Veel projecten hebben volgens minister Wiebes van Economische Zaken en Klimaat te maken met lange vergunningsprocedures; met deze verlengde indieningsperiode krijgen meer projecten volgens hem de kans om een aanvraag tijdig in te dienen.

De basisbedragen voor de najaarsronde SDE+ 2018 zijn voor zonne-energie als volgt:

Zon-pv Basisbedrag (eurocent per kilowattuur) Voorlopig correctiebedrag 2018 (eurocent per kilowattuur)
Zon-pv ≥ 15 kilowattpiek en <1 megawattpiek 10,6 eurocent Netlevering 3,8 eurocent
Niet-netlevering 6,3 eurocent
Zon-pv ≥1 megawattpiek 9,9 eurocent Netlevering 3,8 eurocent
Niet-netlevering 5,5 eurocent

 

Wiebes wijkt daarmee af – vermoedelijk naar aanleiding van de consultatieronde met de markt – ten opzichte van het oorspronkelijke PBL-advies over de basisbedragen. Daar waren de basisbedragen niet alleen lager, maar zouden er ook meer openstellingscategorieën voor zon-pv zijn. De openstellingsronde is verder als volgt ingedeeld:

SDE+ najaar 2018 Fasegrenzen hernieuwbare elektriciteit en/of warmte eurocent per kilowattuur Fasegrenzen hernieuwbaar gas eurocent per kilowattuur
2 oktober, 9.00 uur 9,0 eurocent  6,4 eurocent 
15 oktober, 17.00 uur 11,0 eurocent  7,8 eurocent 
29 oktober, 17.00 uur tot 8 november, 17.00 uur 13,0 eurocent  9,2 eurocent 

Wiebes: terughoudend met zon op landbouwgrond
Een opvallende passage van Wiebes is die over grondgebonden zonneparken. De minister schrijft hierover het volgende: ‘Ik wil terughoudend zijn in het stimuleren van zon-pv-projecten op productieve landbouwgrond. Het heeft mijn voorkeur om eerst geschikte daken van gebouwen en niet-productieve gronden zoveel mogelijk te benutten, voordat grootschalige veldsystemen op landbouwgronden in beeld komen. Om deze reden heb ik aan het PBL meegegeven om niet langer met een grondvergoeding in de SDE+ te rekenen, temeer omdat in het basisbedrag ook geen rekening wordt gehouden met een vergoeding voor dakopstellingen. Daarnaast maakte een marktconsultatie onderdeel uit van het onderzoek. Dit heeft er mede toe geleid dat het PBL uiteindelijk hogere basisbedragen heeft geadviseerd dan initieel door het planbureau was voorzien.’

Basisbedrag zon-pv met 4 tot 7 procent gedaald
Uit het advies van het PBL blijkt volgens Wiebes verder dat de kostprijsdaling voor zon-pv doorzet: ‘Dit resulteert in lagere maximale basisbedragen voor alle zon-pv-categorieën ten opzichte van de voorjaarsronde 2018. Het gaat om dalingen tussen de 4 en 7 procent. Het PBL geeft aan dat het basisbedrag voor systemen kleiner dan 100 kilowattpiek met 10,8 eurocent per kilowattuur hoger is dan voor de categorie tussen 100 kilowattpiek en 1 megawattpiek met 10,6 eurocent per kilowattuur. Het PBL adviseert echter om geen aparte categorie voor zon-pv systemen tussen de 15 kilowattpiek en 100 kilowattpiek op te nemen aangezien het hogere basisbedrag gecompenseerd kan worden door hogere uitgespaarde kosten voor het eigen verbruik van energie. Ik volg dit advies op. Mijn beeld dat systemen ook onder de 250 kilowattpiek nog steeds rendabel zijn wordt bevestigd door het grote aantal indieningen in de voorjaarsronde 2018, waarbij ongeveer de helft van de zon-PV aanvragen een opgesteld vermogen van minder dan 250 kilowattpiek had.’

De data voor de najaarsronde vindt u terug op www.rvo.nl.

Wij vragen gratis en geheel vrijblijvend voor u de SDE+ subsidie aan!

Voorjaarsronde SDE+ 2018: opnieuw 6 miljard euro beschikbaar

Voorjaarsronde SDE+ 2018: opnieuw 6 miljard euro beschikbaar, zon-pv niet expliciet genoemd in fase 1

Er komt in voor de voorjaarsronde van de stimuleringsregeling voor hernieuwbare energieproductie (SDE) opnieuw 6 miljard euro beschikbaar. Opvallend is dat zon-pv niet expliciet in fase 1 genoemd wordt.

Voor het najaar van 2018 komt naar verwachting opnieuw een bedrag van 6 miljard euro beschikbaar; dit wordt door minister Wiebes van  Economische Zaken en Klimaat vermoedelijk voor juni 2018 bekendgemaakt.

Het SDE+ 2018-budget wordt in fases opengesteld voor hernieuwbare energieprojecten. In de eerste week kunnen alleen projecten met technologieën met een basisbedrag van maximaal 9 eurocent per kilowattuur indienen. Vervolgens wordt de regeling stapsgewijs opengesteld voor duurdere projecten tot aan de fasegrens van achtereenvolgens 11 eurocent per kilowattuur en 13 eurocent per kilowattuur.

Over zonne-energie schrijft minister Wiebes in zijn kamerbrief het volgende: ‘Zowel zon-pv als zonthermie nemen een steeds groter aandeel in, in de SDE+. Als gevolg hiervan groeit zowel het aantal projecten als de diversiteit aan projecten. Hierdoor acht ik het wenselijk om de categorieën voor zon-pv en zonthermie verder te verfijnen om overstimulering te voorkomen.

Voor zon-PV wordt er in de SDE+ 2018 een onderscheid gemaakt tussen de elektriciteit die op het elektriciteitsnet wordt ingevoed en de elektriciteit die zelf wordt gebruikt, op basis van de Garanties van Oorsprong (GVO’s) uitgegeven door CertiQ. Voor beiden wordt een apart correctiebedrag en een aparte basisenergieprijs vastgesteld. Indien projecten een deel van de opgewekte energie zelf gebruiken treedt er namelijk een voordeel op in de vorm van vermeden energiebelasting, ODE en transportkosten. Gebleken is dat bij zon-pv een groot deel van de opgewekte elektriciteit zelf wordt gebruikt in plaats van in het elektriciteitsnet wordt gevoed.’

De categorie zonthermie wordt gesplitst in twee categorieën, namelijk groter dan 140 kilowatt en kleiner dan 1 megawatt; en groter of gelijk aan 1 megawatt. Wiebes hierover: ‘Door een aanzienlijk schaalvoordeel is het wenselijk om onderscheid te maken in de systeemgrootte van projecten, om op deze manier recht te doen aan de verschillende kosten. Daarom is er bij zonthermie, net zoals bij zon-pv vorig jaar is gedaan, gekozen voor een splitsing van de categorie, met een scheiding bij een vermogen van 1 megawatt.’

De basisbedragen voor zonne-energie zijn in 2018 als volgt:

Zonne-energie Basisbedrag (eurocent per kilowattuur) Voorlopig correctiebedrag 2018
Zon-pv ≥ 15 kilowattpiek en <1 megawattpiek 11,2 eurocent Netlevering 3,8 eurocent
Niet-netlevering 6,3 eurocent
Zon-pv ≥ 1 megawattpiek 10,7 eurocent Netlevering 3,8 eurocent
Niet-netlevering 5,5 eurocent
Zonthermie ≥ 140 kilowatt en < 1 megawatt 9,4 eurocent 2,9 eurocent
Zonthermie ≥ 1 megawatt 8,3 eurocent 2,4 eurocent

Zon-pv niet in fase 1
Waar zonthermie expliciet in fase 1 genoemd wordt (red. week 1 van de openstelling – start 13 maart om 9 uur – waarvan de fasegrens 9 eurocent per kilowattuur is), gebeurt dit bij zon-pv niet. Gedurende de openstelling van de SDE+ hebben aanvragers echter wel de mogelijkheid om hun projecten in de zogenaamde vrije categorie in te dienen, dat wil zeggen een vrije keuze van een basisbedrag onder het vastgestelde maximum voor de betreffende techniek. Ondernemers worden zo geprikkeld om projecten voor een lagere prijs in te dienen en daarmee meer kans te maken op een subsidiebeschikking. Zonne-energieprojecten kunnen zo dus wel in fase 1 meedingen, maar dienen dan een aanvraag te doen voor een subsidiebedrag van minder dan 9 eurocent per kilowattuur.

In fase 2 van de SDE+-regeling (red. die opent op 19 maart om 17 uur, fasegrens 11 eurocent per kilowattuur) heeft Wiebes de openstelling van zon-pv > 1 megawattpiek voorzien. Pas in fase 3 (red. die opent op 26 maart om 17 uur) is openstelling van zon-pv ≥ 15 kilowattpiek en <1 megawattpiek. Ook voor deze projecten geldt dat zij in de vrije categorie al eerder een aanvraag kunnen indienen.

Wij vragen gratis en geheel vrijblijvend voor u de SDE+ subsidie aan!

De data voor de najaarsronde vindt u terug op www.rvo.nl.